Click here to open the page on the platform

De man die morgen vandaag uitlegt

Alexander Klöpping ziet wat de meeste anderen niet zien

Sommige mensen volgen technologische ontwikkelingen. Alexander Klöpping lijkt ze vaak al te zien aankomen voordat de rest van de wereld doorheeft dat er iets verandert.

Alexander Klöpping heeft het vermogen om te beoordelen wat relevant is.

Al ruim vijftien jaar vervult hij in Nederland een bijzondere rol. Hij is geen programmeur die dagenlang achter een beeldscherm codes schrijft. Geen wetenschapper die zich terugtrekt in een laboratorium. En ook geen klassieke journalist. Klöpping bevindt zich ergens tussen die werelden in. Hij vertaalt complexe technologie naar begrijpelijke verhalen en doet dat met een enthousiasme dat aanstekelijk werkt. Soms zelfs zo aanstekelijk dat critici hem verwijten dat hij te veel gelooft in de mogelijkheden van technologie.

Ook bezorgdheid

Maar wie goed luistert, hoort naast enthousiasme ook steeds vaker bezorgdheid. De Alexander Klöpping van vandaag verschilt namelijk van de tech-optimist die jaren geleden vol bewondering vertelde over de mogelijkheden van internet. Natuurlijk ziet hij nog steeds kansen. En veel ook. Maar naarmate kunstmatige intelligentie zich sneller ontwikkelt, schuift een nieuwe vraag steeds nadrukkelijker naar de voorgrond: hebben we deze revolutie eigenlijk nog wel onder controle? Het is een vraag die hij tegenwoordig regelmatig stelt tijdens colleges, podcasts, televisieoptredens en lezingen. Dat is opmerkelijk voor iemand die zijn naam juist vestigde als ambassadeur van technologische vooruitgang.

De gevestigde orde

Klöpping groeide op in een periode waarin internet vooral werd gezien als iets bevrijdends. Een plek waar kennis voor iedereen beschikbaar kwam, waar nieuwe bedrijven konden ontstaan en waar innovatie de gevestigde orde uitdaagde. Die fascinatie bracht hem uiteindelijk naar de mediawereld, waar hij uitgroeide tot misschien wel de bekendste techduider van Nederland. Zijn grote doorbraak kwam via televisie. Daar bleek hij over een zeldzame kwaliteit te beschikken: ingewikkelde technologie begrijpelijk maken zonder kinderachtig te worden. Terwijl veel experts verzanden in vakjargon, wist Klöpping het gesprek altijd terug te brengen naar de vraag die mensen écht bezighoudt: wat betekent dit voor ons? Dat talent maakte hem populair bij een breed publiek.

Blendle

Later volgde Blendle, het platform waarmee hij samen met medeoprichters probeerde de journalistiek opnieuw uit te vinden. Het idee was simpel maar revolutionair: consumenten betalen niet voor een hele krant, maar alleen voor de artikelen die zij daadwerkelijk willen lezen. Het initiatief leverde internationale aandacht op en maakte van Klöpping meer dan een commentator. Hij werd ondernemer. Iemand die niet alleen sprak over innovatie, maar haar ook probeerde vorm te geven. Misschien verklaart dat waarom hij kunstmatige intelligentie anders benadert dan veel academici.

Wat morgen waarschijnlijk wordt

Waar wetenschappers vaak kijken naar wat vandaag mogelijk is, kijkt Klöpping vooral naar wat morgen waarschijnlijk wordt. En dat morgen komt volgens hem sneller dan veel mensen denken. Tijdens een minicollege bij Eva Jinek schetste hij onlangs een toekomst waarin AI niet langer alleen opdrachten uitvoert, maar zichzelf steeds verder verbetert. Volgens Klöpping zitten we dichter bij dat punt dan de meeste mensen beseffen. In verschillende interviews noemt hij AI dan ook niet zomaar een technologische ontwikkeling, maar een gebeurtenis die vergelijkbaar is met – of zelfs groter wordt dan – de komst van internet. Dat soort uitspraken maken hem geliefd én omstreden. Voorstanders waarderen zijn vermogen om mensen wakker te schudden. Critici vinden dat hij soms te ver vooruitloopt op de feiten.

Overtuigingen

Zelf lijkt hij weinig moeite te hebben met die discussie. Klöpping denkt graag hardop. Dat doet hij niet vanuit arrogantie, maar vanuit nieuwsgierigheid. Wie zijn podcasts volgt, merkt dat hij minstens zo vaak vragen stelt als antwoorden geeft. Hij onderzoekt, speculeert en probeert patronen te ontdekken in ontwikkelingen die zich razendsnel voltrekken. Toch zijn er een paar overtuigingen die steeds terugkeren. Een daarvan is dat werk fundamenteel gaat veranderen. Volgens Klöpping zullen ondernemers straks beschikken over mogelijkheden waar vroeger complete afdelingen voor nodig waren. Marketing, klantenservice, data-analyse, tekstproductie en softwareontwikkeling kunnen steeds vaker door slimme systemen worden ondersteund. Dat betekent niet dat mensen verdwijnen, benadrukt hij regelmatig. Maar wel dat de waarde van menselijk werk verschuift.

Heilig

Drie zaken verklaart hij voor de toekomst heilig:

creativiteit wordt belangrijker;

authenticiteit wordt belangrijker;

vertrouwen wordt belangrijker.

Juist daarom is het opvallend dat een technologie-expert uiteindelijk steeds weer uitkomt bij menselijke eigenschappen. In podcasts verwijst hij regelmatig naar iets wat machines moeilijk kunnen nabootsen: smaak. Het vermogen om aan te voelen wat relevant is. Wat raakt. Wat betekenis heeft. Dat geldt ook voor media. Als medeoprichter van Blendle zag hij van dichtbij hoe internet de journalistiek veranderde. Nu ziet hij opnieuw een revolutie ontstaan. Kunstmatige intelligentie kan teksten schrijven, video's monteren, samenvattingen maken en complete contentstromen produceren. Maar volgens Klöpping ontstaat daardoor juist meer behoefte aan menselijke verhalen en herkenbare persoonlijkheden. Mensen willen weten wie ergens achter zit. Wie verantwoordelijkheid neemt voor een idee.

De rode draad

Misschien is dat wel de rode draad in alles wat hij zegt. Hoewel zijn verhalen vaak gaan over algoritmen, chips en software, gaan ze uiteindelijk over mensen:

over hoe wij reageren op verandering;

over hoe flexibel we zijn;

over hoe snel we nieuwe werkelijkheden accepteren.

Tegelijkertijd kijkt Klöpping verder dan individuele bedrijven of consumenten. Hij maakt zich steeds vaker zorgen over Europa. Terwijl Amerikaanse techgiganten en Chinese technologiebedrijven miljarden investeren in kunstmatige intelligentie, ziet hij een continent dat vooral bezig lijkt met regelgeving en procedures. Dat baart hem zorgen, omdat technologische afhankelijkheid uiteindelijk ook politieke afhankelijkheid kan worden.

Alexander Klöpping: “De waarde van menselijk werk verschuift.”

Waar wetenschappers vaak kijken naar wat vandaag mogelijk is, kijkt Klöpping vooral naar wat morgen waarschijnlijk wordt.

Bijna filosofisch

Voor Klöpping draait AI daarom niet alleen om technologie. Het gaat over macht, economie én over democratie. Over de vraag wie straks bepaalt hoe informatie wordt verspreid en hoe kennis wordt georganiseerd. Dat klinkt soms bijna filosofisch. En misschien is dat ook precies wat hem onderscheidt van veel andere techdeskundigen. Hij kijkt niet alleen naar wat een technologie kan. Hij vraagt zich af wat een technologie met ons doet. Daardoor laveert hij voortdurend tussen fascinatie en waarschuwing, tussen optimisme en ongemak en dus tussen bewondering en twijfel. Dat is waarom zoveel mensen naar hem blijven luisteren: niet omdat hij alle antwoorden heeft, maar omdat hij de vragen stelt die de komende tien jaar steeds belangrijker zullen worden.

De vraag die daarna komt

En terwijl de rest van de wereld nog probeert te begrijpen wat kunstmatige intelligentie vandaag betekent, lijkt Alexander Klöpping alweer bezig met de vraag die daarna komt.



Magazine Page 49 Magazine Page 54


return to main site-map